fase 1

Wat is burn-out? Hoe wordt burn-out gemeten?

fase 2

Hoe betrouwbaar en valide is de eerste versie van de Burnout Assessment Tool?

fase 3

Wie kan mijn risico op burn-out beoordelen?

fase 4

Hoe vaak komt burn-out voor in Nederland en Vlaanderen?

%

Nog 1 fase te gaan!

De officiele lancering van de Burnout Assessment Tool is voorzien voor september 2018! Wil jij er als eerste bij zijn? Schrijf je dan in op onze nieuwsbrief! 

Fase 1.

WAT IS BURN-OUT?

 

Enerzijds was er een samenwerking met twee masterstudenten, Ellen Caers & Kaat Vanbrabant, wiens masterthesis geschreven word onder begeleiding van Hans De Witte & Wilmar Schaufeli. Samen met Kaat en Ellen, heeft Steffie 49 interviews met praktijkprofessionals uitgevoerd in Vlaanderen en Nederland. Terwijl Kaat en Ellen de huisartsen en arbeidsgeneesheren voor hun rekening namen, interviewde Steffie een diverse groep psychologen. Ons doel was om inzicht te krijgen in hoe burn-out ervaren werd door experten in de praktijk. Het eindresultaat van deze interviews was een uitvoerige lijst met symptomen en oorzaken van burn-out, alsook inzichten in de werkgerelateerde aard van burn-out. Uiteindelijk werd de lijst ingekort tot 5 clusters van symptomen: uitputting, spanningsklachten (zowel gedragsmatig als psychosomatisch), cognitieve beperkingen, emotioneel disfunctioneren (zowel emoties als stemmingen) en mentale afstand. ​

Het resultaat was een nieuwe definitie van burn-out.

HOE WORDT BURN-OUT GEMETEN?

 

Anderzijds voerde Steffie een uitvoerige literatuurstudie uit waarbij alle huidige vragenlijsten die burn-out meten werden ontleed. Elke vragenlijst werd aan groep toegewezen, afhankelijk van hun psychometrische kwaliteiten en de mate waarin ze gebruikt werden. Uiteindelijk verkregen we een lijst van 13 vragenlijsten die in detail bekeken werden. Zo keken we onder meer naar hoe ze beoordeeld werden, welke schalen ze bevroegen, op welk conceptueel model ze gebaseerd waren, welke items ze omvatten (en hoe die geformuleerd waren), en zo verder.

Gebaseerd op deze analyses en de nieuwe defnitie maakten wij een eerste versie van de Burnout Assessment Tool.

Fase 2.

Hoe betrouwbaar en valide is de burnout assessment tool?

 

In onze tweede fase, hebben wij een studie opgezet om de psychometrische kwaliteiten van de BAT te onderzoeken aan de hand van een heterogene online steekproef (N=949). Meer specifiek keken wij naar item distributie, interne consistentie, factor validiteit, convergente en discriminerende validiteit, alsook inhoudsvaliditeit.​

De voorlopige versie van de BAT werd geanalyseerd met een exploratieve (EFA) en conformatorische factoranalyse (CFA)  en de relatie tussen variabelen werd onderzocht met Structural Equation Modeling (SEM). 6 conclusies konden getrokken worden uit deze kwantitatieve analyses:

Interne consistentie?
Alle schalen vertoonden een goede interne consistentie (gaande van .87 tot .97)
relatie met werk?
De kern BAT (en MBI) vertonen vertonen relaties met diverse werkeisen en negatieve relaties met diverse hulpbronnen.
4 kernsymptomen?

Zowel de EFA als de CFA leverden de verwachten factoroplossing aan voor de 4 kernsymptomen.

meting van burn-out?

De 4 kernsymptomen van de BAT en de 3 dimensies van de MBI laden allen op 1 latente burn-out factor.

itemverdeling?

De items van de BAT zijn normaal verdeeld (zeker in vergelijking met de MBI).

geen meting van andere concepten?

De kern van de BAT kan onderscheiden worden van workaholisme en bevlogenheid, daar waar de MBI enkel onderscheiden kan worden van workaholisme en niet van bevlogenheid.

De voorlopige versie van de Burnout Assessment Tool (BAT) vertoont bemoedigende psychometrische kwaliteiten en zal aldus verder ontwikkeld (en ingekort worden) in de volgende fasen van het project.

Fase 3.

wie kan mijn risico op burn-out inschatten?

In onze derde fase, die gelijktijdig loopt met de vierde en vijfde fase, voeren wij een peer rating studie uit. Het doel van deze studie is om uit te maken of en zo ja, welk, verschil er is wanneer de vragenlijst ingevuld word door de persoon zelf of zijn/haar collega/leidinggevende/partner.

Deze studie wordt momenteel nog uitgevoerd door masterstudent Dries De Bie, onder begeleiding van het onderzoeksteam, in het kader van zijn masterthesis, die begeleidt wordt door Wilmar Schaufeli.

Fase 4.

EEN BEVOLKINGSONDERZOEK IN VLAANDEREN EN NEDERLAND

 

In het eerste deel van onze vierde fase voeren wij een bevolkingsonderzoek uit in Vlaanderen en Nederland. Dankzij marktonderzoeksbureau iVOX verzamelden wij 3000 deelnemers, 1500 voor Nederland en 1500 voor Vlaanderen. De afname gebeurde eind mei, begin juni 2017. 

Het doel van dit bevolkingsonderzoek is om in kaart te brengen wat de relatie is tussen burn-out en persoonlijkheid en burn-out en werkgerelateerde kenmerken zoals werkdruk. Bovendien valideren wij de nieuwe tool verder in beide groepen. 

Natuurlijk wordt dit bevolkingsonderzoek ook gebruikt om, samen met het tweede deel, de prevalentie van burn-out in Vlaanderen en Nederland te bepalen.

EEN KNIPPERLICHTENMODEL VOOR BURN-OUT

In het tweede deel van de vierde fase voeren wij een klinische validiteitsstudie uit bij individuen die opgebrand zijn. Het doel van deze studie is om een knipperlichtenmodel (naar de analogie van een verkeerslicht – groen, oranje, rood) te formuleren voor de nieuwe tool. Deze grenswaarden kunnen dan een correctere inschatting zijn van het risico op burn-out.

Op dit moment zijn wij druk bezig met het verzamelen van deelnemers voor deze studie. Wij werken hiervoor samen met een ander onderzoeksteam aan KU Leuven, nl. Lode Godderis en Jelena Bakusic, die werken aan een bloedtest om burn-out op te sporen.